Biologie Spek- en Huidenkever (Dermestes Lardarius L.) en (Dermestes maculatus Deg.).
Algemeen: Zowel de larven als de kevers voeden zich met dode dieren of met producten van dierlijke oorsprong. Deze kevers zijn over het algemeen groter dan de tapijtkever.
Uiterlijk: Spekkever:
Imago:
De lichaamsvorm is ovaal en ze zijn ongeveer 6 tot 10 mm . lang. Het voorste gedeelte is bedekt met dekschilden die lichtgekleurd zijn met dwarse banden er op. Op de dekschilden zitten ongeveer 6 vlekken. Het achterste gedeelte van de dekschilden is donkerbruin met een aantal lichte vlekjes aan de kanten.
Larve:
De lengte van deze is 10- 15 mm . en is roodbruin tot donkerbruin gekleurd. De larve is verder bedekt met sterke borstelachtige haren op verschillende lengte. De uiteinden van de doornachtige uitsteeksels zitten op het voorlaatste segment met het achterlijf naar achteren gericht. Huidenkever:
Imago:
De lichaamsvorm is ovaal en ongeveer 6 tot 10 mm . lang. De dekschilden zijn zwartachtig bruin met witte haren. De onderzijde is zilverachtig wit. De beide dekschilden hebben een fijn doornvormig eind.
Larve:
Het beestje is in dit stadium 14- 16 mm . lang. Hij is roodbruin tot donkerbruin gekleurd en is bedekt met sterke borstelachtige haren van verschillende lengten. De uiteinden van de doornachtige uitsteeksels zitten op het voorlaatste segment, waarbij het achterlijf naar voren is gericht.
Ontwikkeling: Deze kevers ondergaan een volledige gedaanteverwisseling. Het eitje is wit en heeft een ovale vorm en is 2 mm . lang. Het wijfje legt ongeveer 200 tot 800 eitjes in kieren en spleten bij de voedselbron. Ze komen ongeveer na 9 dagen uit , tenminste als er een temperatuur is van 17 graden Celsius. Is de temperatuur hoger bijvoorbeeld 20 tot 25 graden Celsius, dan kunnen ze al na 2,5 dag uitkomen.
De duur van de larvale fase is erg uiteenlopend van 35 dagen tot 230 dagen. Hij vervelt ook erg vaak, wel 5 of 6 keer.
Het popstadium duurt daarentegen maar 8 tot 15 dagen. De verpoppingsholte zit soms diep in allerlei materialen, zoals: hout, leer, isolatiemateriaal en soms zelfs in lood.
Als het beestje eenmaal het stadium van het imago heeft bereikt kan hij wel meer dan 3 maanden leven.
Leefwijze: De wijfje leggen hun eieren vlakbij het materiaal van dierlijke oorsprong, zoals bijvoorbeeld huiden van beesten. De larven die dan later uit het ei komen vreten continu door. In de larvale fase zijn ze gedurende de hele ontwikkeling lichtschuw. Wanneer ze gestoord worden kunnen ze zich erg goed schijndood houden.
Het voedsel bestaat voor zowel de kever als de larve uit producten van dierlijke oorsprong, zoals: dode dieren, huiden, vleeswaren en beenderen.
Het is zo dat hoe hoger de temperatuur is waarin ze zich ontwikkelen dat het ook sneller gaat.
De beestjes leven trouwens bij voorkeur in een droge omgeving. Men vindt ze aak wel in donkere ruimtes, vaak direct bij of in het voedsel.
Schade/overlast: De larven voeden zich met allerlei dierlijk materiaal, maar knagen er bovendien ook gangen in om een geschikte verpoppingsplaats te vinden.