Biologie Kleine kamervlieg (Fannia canicularis L.).
Algemeen: Vliegen, dus ook de kleine kamervlieg, zijn hinderlijk. Met hun uitwerpselen bevuilen ze echter ook allerlei oppervlakken, vooral als ze in grote aantallen voorkomen. Ze zitten afwisselend op afval, mest, dode dieren, e.d. maar ook op voedsel voor de mens. Mede doordat vliegen nogal behaard zijn kunnen ze ziektekiemen overbrengen waarvoor mens, huisdier en vee gevoelig zijn. Het is dus van belang de ontwikkeling van deze insectensoort tegen te gaan.
Ontwikkeling en leefwijze: De kleine kamervlieg ontwikkelt zich in allerlei soorten vochtig rottend organisch materiaal. In uitwerpselen van pluimvee, maar b.v. ook in die van nertsen, kunnen de larven zich massaal ontwikkelen. De larve is duidelijk te herkennen aan de tentakels die zich op ieder segment bevinden.
Grote aantallen kleine kamervliegen worden vooral aangetroffen in de periode van mei tot september, maar in verwarmde stallen vrijwel het gehele jaar door. De optimale temperatuur voor de ontwikkeling van de soort is ca. 24 graden Celsius. De ontwikkeling van ei tot volwassen vlieg duurt bij 27 graden Celsius 22 - 27 dagen.